
In de 16e eeuw kregen de Spaanse missionarissen als eerste Europeanen de Passiflora onder ogen. Ze waren enthousiast over de pracht:en de mystiek van de bloemen.
In de bloem herkenden ze het lijden van Christus (Latijns passo = ik lijd) Ze noemden de plant de bloem van de vijf wonden. Dit sloeg op de vijf meeldraden die vaak rood gestipt zijn (bloed) In de bloemknop waren de geheimen van de kruisiging te zien. Boven aan de bloem bevinden zich drie stempels - dit waren de drie nagels aan het kruis. De tien bloemblaadjes stelden de tien apostelen voor die bij de kruisiging aanwezig waren.
Vanaf de zijkant lijkt de stamperdrager met meeldraden op een kruis. De corona stelde de doornenkroon voor (72 corona draden voor de 72 doornen. De uiteinden van de coronadraden deden denken aan een gesel.
Andere delen van de plant werden ook.gebruikt om de boodschap - het kruisingsverhaal - over te brengen aan de indianen. Zo stelde de hechtrank de zweep of gesel voor. De punten van de steunbladeren of de punten van de ongelobde bladeren waren de speerpunt die Christus in zijn zij kreeg. De dertig nectarklieren op liet blad verbeeldden de dertig zilverlingen die Judas ontving voor zijn verraad.
Met zo’n bloem als voorbeeld konden de indianen elkaar het kruisverhaal vertellen. Het was een slimme zet van de missionarissen.
Toegestane bron: Boek Passiflora Klaas Kingma en Piet Moerman
Inzet: Henk Wouters
Website:
http://www.passiflora.tk